Pierrelatte
 
Het ontbijt in Hôtel Dauphiné-Provence is niet de 38 franc waard die ze er voor vragen. Zelfbediening en weinig keus. De enige andere eter is een dame in een keurig mantelpakje. Ze rijdt later weg in een geel autootje van de PTT, maar niet om de post rond te brengen.

Het begint te regenen op de weg van Montélimar naar Châteauneuf-du-Rhône. Poncho aan en verder over het asfalt. Het lijkt saai om lang in de regen te lopen en dat is het ook. Maar het is een fascinerende saaiheid. Regen maakt je berustend en onverzettelijk tegelijk. De stemming na een uur lopen in de regen is niet onaangenaam.
Een groot deel van onze reactie op regen is aangeleerd. Al dat gezeur over het weer... Luister eens naar de weerberichten. Het is een langzame hersenspoeling. We zijn zo onverstandig geweest de begrippen goed en kwaad aan het weer te verbinden. Zon is goed, regen is slecht. Als de zon schijnt is het goed weer, als het regent is het slecht weer. En als je wilt kun je je stemming ervan laten afhangen.
- Bah, het regent!... zeggen we en laten er onze dag door vergallen.
Regen maakt deel uit van de cyclus. Zonder regen geen bronnen, geen rivieren, geen planten, geen oogst... Regen hoort bij de natuur en wat bij de natuur hoort, kun je maar beter accepteren. Op een regenachtige dag kun je dingen doen die bij een regenachtige dag passen. Ik citeer maar weer een Chinees:

Een regenachtige dag in de lente is geschikt om te lezen; een regenachtige dag in de zomer is geschikt om te schaken; een regenachtige dag in de herfst is geschikt om kasten en zolders op te ruimen; een regenachtige dag in de winter is geschikt om te drinken.
- The importance of living
Lin Yutang

En een regenachtige dag tijdens een wandeling is geschikt om te zien of je basketbalschoenen waterdicht zijn.
  Châteauneuf-du-Rhône. Het château staat er nog, maar het is niet zo neuf meer. Ze hebben hier ook een Châteauvieux. Beide kastelen zijn ruïnes. Ze waren eigendom van de bisschoppen van Viviers en controleerden de ingang van het Défilé de Donzère. Frankrijk heeft vele Châteauneufs. Hoeveel? Ik heb het opgezocht. Drieëndertig. Acht zonder toevoeging, vijfentwintig met specificatie.
Hôtel de la Poste is in handen van twee oudere vrouwen. Ik hang de poncho over een stoel te drogen en ga er tegenover zitten om de krant te lezen: Le Dauphiné Libéré.
- Qu'est-ce que je vous sers?
- Un grand café crème, s'il vous plaît.
- Avec un croissant?
- Très bien.

Terwijl de ene vrouw de koffie zet, verwisselt de ander een kapotte gloeilamp boven de tafel zodat ik nog beter kan zien wat er in de krant staat. Mocht het niet ophouden met regenen dan lijkt dit het juiste adres om te overnachten. Mijn basketbalschoenen zijn niet waterdicht, heb ik zojuist vastgesteld.
 

Défilé
Bij defilé denk je aan een voorbijtrekkende stoet en iemand die het defilé afneemt. Zo iemand is hier ook. Op de meest spitse rots staat een beeld van St-Michel. De aartsengel moest de schippers in de gevaarlijke passage bijstaan.
St-Michel heeft een voorkeur voor hoge plekken. Denk maar aan Mont St-Michel bij de monding van de Loire. Overigens heeft defilé in het Nederlands ook als tweede betekenis: nauwe doorgang. Het Franse synoniem is gorge.
Om elf uur is het droog. Er staat een heuvel in de weg. Het water van de Rhône heeft er een vier kilometer lange nauwe opening uitgesleten - het Défilé de Donzère. Op de linkeroever is alleen nog ruimte voor de spoorbaan. De TGV ijlt er ook langs. Een weg is er niet.
Ik kies voor de bergetappe over de D144 naar Donzère. Een lange klim over een nat wegdek met aan weerszijden het geluid van druppelende bomen. De heuveltoppen zijn door wolken aan het oog onttrokken.

Groot café aan het kerkplein van Donzère. De eigenaar is verslaafd aan flipperen. Als ik iets wil eten moet ik een half uur wachten, vertelt hij. Dan komt zijn vrouw terug met de broodjes. Is er verder nog iets open in het dorp?
- Non.
Hij schenkt een koffie in en flippert verder. Er hangen jongelui rond en voor de ingang draaien brommers op volle toeren zonder vooruit te komen. De plek bevalt me niet. Te veel kabaal voor iemand die net uit de heuvels komt. Ik reken af en vertrek.

En dan een verlaten stationnetje aan de rand van het dorp. Misschien stopt er nog wel eens een boemeltje als de TGV hem niet op de hielen zit. Er staat een hotel naast: Hôtel-Restaurant de la Gare. Het pand ziet er verwaarloosd uit. Ik probeer de deur. Open. Binnen zit de familie aan het déjeuner, twee mannen en twee vrouwen.
- C'est ouvert?
- Oui. Vous désirez?
- Quelque chose à manger.
- Très bien.

Een van de vrouwen wijst me een tafeltje, haalt de couvertartikelen uit het dressoir en legt een en ander uiterst zorgvuldig voor me neer. Alsof het precies zo moet liggen en niet anders. Verder geeft ze me twee glazen, een fles rode wijn die voor driekwart gevuld is en een kan water. Ik mag zelf opscheppen. Op een tafel in de hoek van de eetkamer staan de schotels: quiche, groente, saus en nog wat hapjes. De familie is ondertussen aan het dessert toe en dat bestaat uit een bekertje yoghurt, zoals je ze bij vier tegelijk in de supermarkt koopt. Ze praten meer dan ze eten. Heel gemoedelijk allemaal. Een leuk adresje om te overnachten, maar... het is nog vroeg in de middag. Twee uur om precies te zijn.
De vrouw dringt sterk aan om nog eens op te scheppen. Wat zeg ik? Ze smeekt het me bijna...
- C'est le même prix, klaagt ze.
Het kost niets extra. Leuk mens en een fraai stukje toneelspel, maar alles wat ze nog aan me kwijt raakt is een kop koffie.
Als ik opstap, informeert ze bij de andere vrouw wat ze moet vragen. Deze kijkt eens hoeveel wijn ik in de fles heb laten zitten, ziet het lege koffiekopje staan, staart even naar het plafond en zegt:
- Vingt-cinq francs.

Het loopt heel licht na een warme hap en enkele glazen wijn. Als het iets warmer was zou ik nu het liefst onder een boom een middagdutje doen. Ik loop over de stuw naar Îles Margeries. Vanaf de stuw heb je goed zicht op het Défilé de Donzère. In korte tijd snellen er drie treinen langs. Het geraas weerkaatst tegen de steile rotswanden. Aan een kade ligt een lege spits afgemeerd.
Vroeger vertakte de Rhône zich na het Défilé de Donzère in talrijke armen. La Compagnie Nationale du Rhône heeft er tussen 1948 en 1952 bij de aanleg van een kanaal een aaneengesloten gebied van gemaakt. Maar de namen van de oude eilanden bestaan nog en zo loop ik de vlakte binnen bij Îles Margeries.

Het zijn kalkrotsen waar de Rhône zich doorheen heeft geboord. Het gebied heet de Tricastin. De naam is van Keltische oorsprong, afgeleid van het woord castine - kalk. Er liggen drie van deze kalkachtige bergketens rond een vlakte. Vandaar: Tricastin. De druiven uit deze omgeving komen terecht in de Côte du Tricastin.

De Kelten die hier woonden waren de Tricastini en de Romeinen promoveerden St-Paul-Trois-Châteaux tot hun Civitas. De huidige plaatsnaam berust op een misverstand, want drie kastelen zijn er nooit geweest. De Romeinen noemden de stad Augusta Tricastinorum. In de 4e eeuw vervingen de bewoners Augusta door St-Paul, een van de eerste bisschoppen van de stad. En in de 16e eeuw dacht iemand dat Tricastin, drie kastelen betekende. St-Paul-Trois-Châteaux werd het en zo kwam de plaats aan zijn verkeerde naam.
 
Terug naar de werkelijkheid. Eerst volg ik de luxe chemin de halage over de dijk langs het Canal de Donzère à Mondragon. Een autoweg zonder auto's. Naast de weg ligt een betonnen talud dat onder een hoek van 45º het kanaal in duikt. Er staat een waarschuwingsbord: een mannetje dat van de dijk af het kanaal in valt. Het gevaar is niet denkbeeldig. De mistral kan hier flink vaart zetten en als hij je eenmaal in het kanaal geblazen heeft, heb je geen enkele houvast om er weer uit te krabbelen.
Gezellig lopen is het niet over dit kunstwerk. Ik doorkruis een stuk bos om bij de N93 te komen en loop even later over een slingerend weggetje door uitgestrekte boomgaarden. Ferme Pradelle is de eerste nederzetting. Een heel complex. De oogst is in volle gang en met grote trucks komen ze de appels en peren ophalen. De kaartenmakers van het IGN zijn hier lange tijd niet geweest. Het weggetje loopt niet zoals staat aangegeven.
De zon breekt door en het is onmiddellijk heet. Afwisselend weertje vandaag. Je begint in je poncho en je eindigt in je hemd.
  De jongedame van het Office du Tourisme in Pierrelatte wil graag dat ik een enquête invul. Ik kan naar waarheid invullen dat ik zeer tevreden ben over de dienstverlening. Ze heeft me een lijst gegeven met alle hotels, een plattegrond van Pierrelatte en ook nog twee folders met bezienswaardigheden in de buurt. Ik kan een krokodillencentrum bezoeken met driehonderd van die lieverdjes, maar ik kan me ook opgeven voor een excursie naar de Centrale Nucléaire du Tricastin. Een lastige keuze. Ik weet niet waar ik liever wakker van lig. Is zij zelf bij die krokodillen geweest?
- Ah non.
- Et la Centrale Nucléaire?
- Non plus.

Ze is tenminste eerlijk.
Pierrelatte
Pierrelatte dankt zijn naam aan een grote steenklomp midden in de stad. Pierre van het Griekse petra - rots.
De apostel Simon kreeg van Jezus een nieuwe naam: Petrus - rots. Als je in Frankrijk naar deze apostel genoemd bent en Pierre heet, dan betekent je naam nog steeds: rots. Het Nederlandse Piet heeft dit niet.
Hôtel Azur is de goedkoopste. Het ligt in de noordelijke buitenwijken, dichtbij de N7 en naast een supermarché. Een slaaphotel. Kamer van 130 franc met douche en toilet. Na het douchen staat de kamer blank, maar verder is alles OK.

Pierrelatte heeft pittoreske straatjes zoals je ze vaak op ansichten uit de Provence ziet. Ik probeer zelf ook zo'n foto te maken en zoek vervolgens een terras op. Daar zit een weelderig geschapen Française met diep decolleté en mooie benen. Het gezicht valt tegen, maar ze weet waar ze de compensatie moet zoeken. Ze geniet van alle aandacht die ze krijgt. 's Winters valt ze natuurlijk nauwelijks op. Voluptueus is het woord dat ik zocht. Van de Romeinse godin Voluptas.