Parijs - 6e dag
 
Als je het hotel verlaat moet je de sleutel afgeven bij de receptie. Daar staan ze op. Maar vanmorgen is de praatgrage receptioniste in discussie verwikkeld met de praatgrage schoonmaakster. Ik hang dus zelf de sleutel maar even op het haakje en loop de deur uit. Op dat moment klingelt er altijd een belletje. Ik ben al halverwege de Rue de l'Hirondelle als de receptioniste naar buiten komt stuiven.
- Monsieur. La clé!
- Elle est par lÓ.
- D'accord.

En ze verdwijnt weer naar binnen. Grappig. Iemand met een hoge plichtsopvatting.
  Het is kouder dan gisteren en er waait een gure wind. Het Fête de la Musique heeft haar sporen achtergelaten en de gemeentereiniging probeert van Parijs weer een ordentelijke stad te maken. In Jardin du Luxembourg woedt een zandstorm.
De Routard van Parijs heb ik niet langer nodig en verder heb ik tussen de bedrijven door een Maigret uitgelezen. Ik probeer beide boeken te slijten bij Gibert Jeune aan de Boulevard St-Michel. Voor Achat (Kopen) hebben ze een aparte ingang. Ik sta een tijdje in de rij. Slechts 26 franc kan ik voor de boekjes krijgen - 20 franc voor de Routard die ik in Lagny voor 75 heb gekocht en 6 voor de Maigret. De mademoiselle zegt dat ik een identiteitsbewijs nodig heb om mijn boekjes te verkopen.
- C'est nécessaire?
- Oui. Ces sont les règles. Il faut une pièce d'identité: passeport, permis de conduire...
Dus ik terug naar het hotel om mijn paspoort op te halen. Boekhandel Gibert Jeune is de eerste instantie in Frankrijk die naar mijn identiteitsbewijs vraagt. Twintig minuten later sta ik weer in dezelfde rij.
- Et voilà. Mon passeport.
- Aah. Vous n'êtes pas Français!
- Non. Je suis Hollandais.
- Alors. Vous avez un permis de séjour?
- Pardon?
- Vous n'avez pas un permis de séjour?
- Mais non. Je suis touriste.
- Aah. Désolé, mais ça ne va pas.
- Ça ne va pas?
- Non monsieur. Il faut un permis de séjour.

Ik vraag nog een tijdje door want ik kan het nauwelijks geloven. Haar verweer komt er op neer dat je in Frankrijk alleen boeken kunt verkopen als je Fransman bent of buitenlander met een verblijfsvergunning. Ik ben verbijsterd. Frankrijk is ook het land van de bureaucratie.
Maar ondertussen ben ik niet van plan om die boeken morgen mee Parijs uit te sjouwen en dus vraag ik de jongedame:
- C'est permis pour un Útranger de vous faire un cadeau?
- Oui?
- Voilà. C'est pour vous. Un petit cadeau.
- Pour moi?
- Bien sûr!
- Je vous remercie.
- De rien.

Verbazing alom. 't Is weer eens wat anders dan een bos rozen. Achteraf was het natuurlijk slimmer geweest om iets met de studenten achter mij in de rij te regelen. Die hadden de boekjes voor mij kunnen verkopen. Maar ja - dat bedenk je natuurlijk pas als je alweer over de Boulevard van aartsengel Michael loopt.
Stel je voor dat er bij boekaankoop dezelfde regels golden. Dan werd er geen boek meer verkocht. Ik mijmer over een Verborgen Camera uitzending bij Gibert Jeune. Een klant wil afrekenen bij de kassa.
- Vous avez un permis de lire monsieur?
- Quoi?
- Un permis de lire. Ces sont les nouveaux règles.



Er ontbreekt nog een stukje Parijse geschiedenis. De Kelten hebben we gehad, de Romeinen ook en we bespraken enkele heiligen die hier misschien geleefd hebben en misschien ook niet. Hoe ging het na de Romeinse tijd verder in Parijs en omstreken?

Na de Romeinen kwamen de Franken aan de macht in Gallië. Hun koning Clovis (466-511) kennen we al. In 486 nam hij de stad Soissons in - het laatste Romeinse bolwerk. Clovis trouwde er in 493 met Clothilde, dochter van een Bourgondische koning. Ze was katholiek en probeerde ook Clovis tot het christendom over te halen. Dit lukte niet erg. Totdat Clovis in 496 moest aantreden tegen de Germaanse stam van de Alamannen. De slag bij Tolbiac of Zülpich verliep niet volgens plan en Clovis beloofde plechtig zich te bekeren mocht Christus hem de overwinning gunnen. Hij won. Dit verhaal komt uit de kronieken van bisschop Gregorius van Tours. Gregorius laat Clovis hetzelfde jaar nog dopen in Reims, maar volgens de laatste inzichten gebeurde dit pas in 508. In dat jaar koos hij ook Parijs als residentie en ondernam van hieruit succesvolle veldslagen tegen de Visigothen die Aquitanië in handen hadden. Clovis ziet men als de grondlegger van het huidige Frankrijk. Van Clovis is de naam Louis van latere Franse koningen afgeleid.






Jardin
Het Franse jardin (tuin) heeft een Germaanse oorsprong. De oude vorm is Gard = ingesloten ruimte. In het Duits werd dit Garten, in het Engels garden en in het Nederlands is het terug te vinden in een woord als boomgaard.
Clovis en Clothilde lieten in Parijs een kerk bouwen: Basilique des Saints Apôtres Pierre et Paul. Hij stond op de Mont Geneviève. Toen Clovis in 511 stierf (45 jaar oud) werd hij in deze basiliek begraven. Het rijk werd onder zijn vier zonen verdeeld. Thierry I (reg. 511-533) kreeg het stuk met Reims als hoofdstad, Childebert I (reg. 511-558) werd koning van Parijs en de twee andere broers mochten zich koning van respectievelijk Orléans en Soissons noemen. Clothilde trok zich na de dood van haar man terug in de abdij St-Martin in Tours en stichtte tal van kerken en kloosters. Ze werd later heilig verklaard: Sainte Clothilde dus. Feestdag 5 juni.

De Alamannen waren een Germaanse stam waar iedereen welkom was. Een stam voor 'alle mannen' dus. De Alamannen leven nog voort in de Franse benaming voor Duitsers: les Allemands. De Duitsers gaan in Europa onder meerdere namen door het leven. Het Nederlandse 'Duitsland' lijkt op Deutschland zoals ze het zelf noemen, maar de Engelsen noemen het Germany en houden daarmee de traditionele naam van de Germanen (mannen met speren) hoog.
Frankrijk zelf ontleent haar naam aan de Franken (dapperen) - zoals een deel van de Germanen vanaf de 3e eeuw door de Romeinen werden genoemd. Ze kwamen vermoedelijk uit het gebied tussen Wezer en Rijn en gaven niet alleen hun naam aan Frankrijk, maar namen ook hun Germaanse taal mee. Veel Franse woorden zijn van Germaanse komaf. Jardin (van Jardin du Luxembourg) is er een voorbeeld van.
Arianisme
De leer van Arius van Alexandrië: Christus is een schepsel en niet één met God de vader. In 325 werd tijdens het Concilie van Nicea de drieëenheid (God, Zoon en Heilige Geest) tot dogma verheven.
En wie waren de Visigothen? Ook Germanen. Omstreeks 150 nC vertrokken ze uit Noord-Europa. Göteborg en Gotland herinneren er aan en de koningin van Denemarken mag zich nog steeds koningin der Goten noemen. In de loop der eeuwen trokken ze via Oost-Europa steeds verder naar het zuiden. Op 24 augustus 410 vielen ze Rome binnen en in 412 volgde een invasie van Zuid-Frankrijk. Van de laatste Romeinse keizers kregen ze Aquitanië in beheer. De Visigothen moesten het gebied verdedigen op dezelfde manier als de Franken dat in het noorden deden.
In de loop van de 5e eeuw stichtten de Visigothen een rijk van de Loire tot aan Gibraltar en toen het West Romeinse Rijk in 476 definitief instortte (het Oost Romeinse Rijk bleef tot 1453 intact) leken ze de aangewezen candidaat om het imperium over te nemen. Maar het zat hen niet mee. In 507 drong Clovis ze tot achter de Pyreneeën terug en daar kwam bij: de Visigothen waren Ariaanse Christenen. Ze geloofden niet dat Vader en Zoon één en dezelfde waren. Het lijkt een kleinigheid, maar het verhinderde wel dat ze in katholiek Europa de macht in handen kregen.
 
 
 
 
Vosges = Vogezen
In Charleville-Mézières heb ik gehoord dat ze in Parijs de zuilengalerij van Place Ducale hebben geïmiteerd in Place des Vosges. Dat pleintje wil ik wel even zien. Valt niet tegen. Volgens velen is dit het mooiste pleintje van Parijs. Het is veel kleiner dan de Place Ducale en heeft in het midden geen parkeerterrein, maar een parkje. Place des Vosges is aangelegd door Henri IV en heette eerst Place Royal. Het kwam klaar in 1612 en werd veelvuldig gebruikt voor feesten en toernooien. George Simenon heeft jaren aan dit plein gewoond in het begin van zijn schrijverscarrière.
Jannes van der Wal
Jannes overleed september 1996 - 39 jaar oud. Leukemie.
Op zijn ziekbed dacht hij na over spelregels om de remisemarge te verkleinen. Hij vroeg Bert voor de organisatie van het eerste 'doordamtoernooi' en nadat hij door de doktoren was opgegeven belde hij Rob Clerc:
- Jij wordt arbiter. Zelf kan ik het niet, want ik ga dood.
Enkele dagen later vertrok hij naar de eeuwige damvelden.

Bij Gibert Jeune heb ik een nieuw adresboekje gekocht. Mijn oude adresboekje (ook in Parijs gekocht) is vijftien jaar oud. Tijd voor een grote schoonmaak. Op mijn hotelkamer neem ik een selectie van adressen in het nieuwe boekje over.
Enkele bekende Nederlanders halen de selectie niet: Ton Sijbrands valt af (ooit benaderd in verband met een Avro-damcursus), Rob Clerc kan weg (presentator van dezelfde cursus), Hans Böhm zie ik nooit meer (mee samengewerkt in de eerste TV-schaakuitzendingen). Jannes van der Wal is de enige bekende Nederlander die in de nieuwe selectie doordringt. Van hem heb ik een jaar of tien geleden drie damboekjes uitgegeven. De helft van de oplage ligt nog op bij mij thuis op de overloop. Ik denk niet dat er verder iemand is die zoveel boeken van Van der Wal in huis heeft. De grootmeester komt nog wel eens langs om te onderzoeken hoe Beethoven op mijn piano klinkt.
Het oude adresboekje gaat in de prullenbak. Een relikwie - maar ik heb er deze keer geen moeite mee.
  Laatste dag in Parijs. Ik bel met Erik, een vriend van me. Hij zou met een redacteur van Van Dale op vakantie naar Zuid-Frankrijk, maar dat is afgelast. Misschien zijn er plotseling veel nieuwe woorden binnen gekomen. Erik is geen wandelaar, maar ik wil mijn wandeling wel even voor een kampeervakantie onderbreken of er misschien helemaal een punt achter zetten. We spreken af dat ik Parijs uitloop en dat hij me dan in de loop van de volgende week ergens ten zuiden van de hoofdstad met de auto oppikt.