Hirondelle
Een hirondelle is een zwaluw. Une hirondelle ne fait pas le printemps zeggen de Fransen. Printemps is lente. In Holland maken ze er zomer van: één zwaluw maakt nog geen zomer. Maar de betekenis is hetzelfde: je mag geen conclusies verbinden aan één gunstig voorteken.
Parijs - 4e dag
 
Vannacht was een puinhoop - zowel op straat als in het hotel. Mijn buurman riep de hele nacht door om stilte (Quiet Please!) en maakte zodoende zelf het meeste kabaal. De man smeet met deuren en schreeuwde alles bij elkaar. Een groep Amerikanen kwam half drie al ruziënd het hotel binnen en gebruikte daarna langdurig het toilet. Toch nog een paar uur geslapen.

Telefoontje naar Delhy's Hôtel. Hoera! Ze hebben een kamer vrij vanwege een annulering. De receptioniste is bereid de kamer een uur lang vast te houden. Ik snel vanuit de Jardin naar Hôtel du Commerce, pak m'n rugzak in, zeg meneer Mattuzzi goeiedag en bereik in geforceerd marstempo Rue de l'Hirondelle. Alles binnen een half uur.
Rue de l'Hirondelle is een impasse. Maar alleen voor auto's - voetgangers kunnen onder een poortje door rechtstreeks naar Place St-Michel lopen. Perfect. Kamer voor tweehonderd franc.
 
 
 
 
 
Sacré-Coeur - Heilige Hart
In Rue de Rivoli koop ik een paar sandalen van Indonesische makelij voor honderd franc. 's Middags test ik ze uit in een expeditie naar Montmartre. Het is smoorheet en ik wandel in korte broek. In Parijs kun je in korte broek lopen zonder dat ze je nakijken.
Basilique du Sacré-Coeur. 'Het interieur heeft niets te bieden' schrijft de Routard. Ik zoek er verkoeling en die is er. In de Sacré-Coeur wordt al 110 jaar onafgebroken gebeden, om boete te doen voor de zonden van de mensheid. De gelovigen bidden de klok rond - 24 uur per dag. Ze wisselen elkaar af in een soort ploegendienst en er staan bedden klaar om tussen de gebeden door een tukje op te doen.
Butte - heuvel De wijk Montmartre ligt op een heuvel - La Butte noemen ze hem hier. Op deze heuvel zou Saint Denis (Dionysius), de eerste bisschop van Parijs, omstreeks 250 door de Romeinen zijn onthoofd. Daarna heette de heuvel Mons Martyrum (martelaarsberg) en hieruit ontstond Montmartre.
De legende wil dat St-Denis zijn hoofd onder de arm nam en zes kilometer in noordelijke richting wandelde om een geschikte begraafplaats te zoeken. Dit lijkt heel bijzonder, maar je had in die tijd meer heiligen met deze specialisatie. Het waren de zogenaamde cephalophoren: mensen die na hun executie met het hoofd onder de arm wegliepen.
  Op het graf van St-Denis ontsprong een bron en er begonnen bloemen te bloeien. Ste-Geneviève stichtte er eind 5e eeuw de Basilique St-Denis. De plek werd ongekend populair. Er scheen geneeskrachtige werking uit te gaan van het graf van de heilige. De basiliek werd de begraafplaats van de Franse koningen. Koning Dagobert I (Merovinger) was de eerste in 639. Hij had de basiliek laten restaureren. Pepijn de Korte liet zich er in 754 tot koning zalven door de Paus (hij was al eerder tot koning gekroond in Soissons). Later werd de basiliek vervangen door Cathédrale St-Denis (1140-1281). Daar omheen ontstond de Faubourg St-Denis.


In de 8/9e eeuw legde men vanuit Parijs een weg aan naar de schrijn van de heilige. Het werd de Rue St-Denis die buiten de stadspoort, Porte St-Denis, overgaat in de Rue du Faubourg St-Denis. In de Rue St-Denis zit tachtig procent van de Parijse prostitutie en dit is altijd al zo geweest. Karel de Grote probeerde de dames hier al weg te jagen. Louis IX wist hen tot buiten de stadspoort te verbannen. Maar de lichtekooien waren niet voor één gat gevangen en timmerden buiten de stadsmuren barakken van planken (bords) om de festiviteiten in voort te zetten. 'Des bordes' werden de barakken genoemd. Het Nederlandse 'bordeel' is ervan afgeleid. Het gilde van de Parijse prostituées heeft een toepasselijke beschermheilige gevonden in de persoon van Sainte Marie-Madeleine (Maria-Magdalena).
Heuvels vragen om godenverering. Van oudsher beschouwde men heuvels als de woonplaats der goden. De Grieken hadden de berg Olympus, de Joden hadden de Sinaî en de Parisi hadden hun Butte - met haar 129 meter het hoogste punt in de buurt van de stad. Eerst trok de heuvel druïden aan. Later kwamen er twee Romeinse tempels, gewijd aan Mercurius en Mars. In 1133 liet de Franse koning Louis VI hier een abdij bouwen op verzoek van zijn vrouw - een zuster van de Paus. Het werd een nonnenklooster: Abbaye des Dames-de-Montmartre. Alleen L'église Saint-Pierre de Montmartre is er van over. De kerk is gebouwd op de plaats waar één van de Romeinse tempels stond. Van die tempel staan nog twee zuilen overeind.
  Henri IV gebruikte de abdij in 1590 als uitvalsbasis bij de belegering van Parijs. Hij onderhield zeer goede betrekkingen met de achttienjarige moederoverste Claude de Beauvilliers. Henri's luitenants konden het op hun beurt zeer goed vinden met les bonnes soeurs van het klooster. De belegering van Parijs liep op niets uit.
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 

-
Weet u waar we zijn?



- Dus u bent verdwaald...
- Ja, we zijn verdwaald.
Een bezoek aan Montmartre is niet compleet zonder een rondje Place du Tertre - het pleintje met schilders en tekenaars. Kijken naar het portrettekenen is wel aardig; irritant is dat je eens per minuut Non moet zeggen tegen kunstenaars die je willen vereeuwigen.
Voor de Sacré-Coeur zit ik op een muurtje tussen Amerikanen die een toer door Europa maken. Twee dagen hebben ze voor Parijs uitgetrokken en ze praten over de bezienswaardigheden die nog op het programma staan. Ze fotograferen elkaar. Die foto's laten ze thuis zien en ik hoor hun vrienden al vragen:
- And who's he? This guy beside you.
- I don't know. He just happened to sit there...

Terug op de Boulevard de Rochechouart vragen twee oudere Amerikaanse dames mij de weg:
- Do you know where we are?
Vanuit hun hotel zijn ze zonder plattegrond aan het dwalen geslagen.
- So you lost your way, merk ik plagend op.
- Yes, we lost our way.
Dit jaar is stadsplattegrond van Galeries de Lafayette de meest populaire. Daar zie je elke toerist mee lopen. Hij is gratis. Samen zoeken we naar hun hotel: Hôtel Sophia aan de Rue Sophia. Ze zijn niet meer dan een paar honderd meter van huis.
Zelf neem ik de Rue du Faubourg Poissonnière. Als je die steeds maar blijft volgen, kom je vanzelf bij Forum des Halles uit. Een prestigieus overdekt winkelcentrum. Het oude Romeinse Forum lag op de andere Seine-oever.
  Inmiddels durf ik te beweren dat Heineken de meest voorkomende naam is in de Parijse binnenstad. De bierbrouwer heeft kennelijk gunstige leveringsvoorwaarden bedacht voor de Parijse caféhouders.

Jardin du Luxembourg. Scherpe contrasten: op één en dezelfde bank zitten een berooide zwerver en een dikbuikige Amerikaanse toerist. De één weet nog niet hoe hij de nacht door moet komen, de ander logeert wellicht in het duurste hotel van de stad. De Tamil loopt er ook weer. Schichtig steekt hij even de hand op.
In het park verloopt alles zeer ordelijk. Goed opgevoed zijn ze - die Fransen. Nu is het wel zo dat er zowat op elke hoek een agent staat. Af en toe snerpt er een fluitje. Dan probeert er bijvoorbeeld iemand door het park te fietsen. Dat mag niet. Een agent heeft hier een veel betere status dan zijn Nederlandse collega. Hij hoort er bij. Ze zijn ook veel amicaler. Je kunt er mee lachen. Ik zag een jong agentje onwennig op een kinderwagen staan passen. De vrouw moest nodig even ergens heen. Van zo'n tafereeltje kun je een mooie foto maken, maar ik heb me ingehouden. De jongeman had het zo al moeilijk genoeg.
  Vechtsporten. Een nieuwe vorm van Tai Ji: met waaiers. Aan het eind van de middag krijgen twee zwaardvechtende dames het met twee gendarmes aan de stok. De één is in uniform, de ander in burger. Er ontspint zich een diepgaande discussie. Ik zit er te ver van af om het te volgen, maar duidelijk is dat de Françaises zich de kaas niet van het brood laten eten. Ze zullen wel proberen uit te leggen dat het niet menens is, dat de zwaarden stomp zijn en dat het een kunstuiting is, maar aan het eind van het verhaal bergen de dames hun zwaarden op in het hoesje en druipen af. Het valt me eerlijk gezegd tegen. Ik dacht dat onder Liberté ook Tai Ji-zwaard in Jardin du Luxembourg viel, maar er zal wel een verordening zijn die wapens in het park verbiedt. De tijd van duelleren ligt achter ons.
 
 
 
 
Saint Germain (496-576)
Parijse bisschop.
Germain: uit het Latijnse Germanus.
's Avonds zit heel Parijs op straat. De grootste opscheppers zitten achter de meest copieuze maaltijden. Ik wandel door Saint-Germain-des-Prés. In de doolhof van kleine smalle straatjes is het één groot eetfestijn. Dit is het gebied van de oude abdij.
Saint Germain was bisschop van Parijs. Hij vroeg aan Childebert I (koning van 511-558), die zijn vader Clovis in de regio Parijs opvolgde, om op deze plek een basiliek te bouwen. De bisschop zocht namelijk een waardige plek om de mantel van Saint Vincent te bewaren. Relikwieën waren wel vaker aanleiding om een mooie kerk te bouwen. In 555 was het gebouw voltooid dat later de Abbaye St-Germain-des-Prés zou gaan heten. De abdij was eeuwenlang een staatje in de staat, met eigen rechtspraak, gevangenis, belastingheffing, etcetera. Ze viel rechtstreeks onder de Paus en de bisschop van Parijs had er niets te vertellen. Tijdens de Franse Revolutie werd de abdij gebruikt als kruitmagazijn. Op een dag in augustus 1794 was er een grote knal en daarna was de abdij goeddeels verdwenen. Aan de Rue de l'Abbaye staan nog wat restanten. De Fransen geven het niet graag toe, maar de Franse Revolutie is even desastreus geweest als de Chinese Culturele Revolutie. Naast een opleving van de Keltische koppensnellerspraktijken (deze keer met de guillotine) hielpen de Fransen ook een groot deel van hun cultuurgoed om zeep.
De Église St-Germain-des-Prés werd in 1866 gebouwd op het oude kerkplein. Ik wil de kerk bekijken, maar mag er niet in. Er is een concert voor genodigden dat hun wordt aangeboden door Virgin, het muziek- en vliegtuigimperium van Richard Branston.
 
 
De bisschoppen van Parijs en de koningen van Frankrijk verklaren de helft van alle namen in de Parijse binnenstad. De allereerste bisschop Saint Denis heeft, zoals we hebben gezien, flink wat teweeg gebracht, maar de grap is dat de man volgens kritische onderzoekers nooit heeft bestaan! Evenals Sainte Geneviève is hij vermoedelijk in later eeuwen door fantasierijke monniken geschapen. Een citaat:

The patron saint of France, Saint Denis, was only a transformation of the god Dionysus in his Orphic cult of the oracular head, which explains the nonsensical legend that Saint-Denis, having been beheaded on Montmartre (Martyr's Mount), then tucked his severed head under his arm and walked to the present site of his abbey. Some time ago there was an attempt to identify Saint Denis with the supposedly real first-century bishop Dionysius the Areopagite; but the attempt was abandoned after scholars made it clear that Dionysius the Areopagite was a fiction too, and that his purported writings were sixth-century forgeries.
- Woman's Dictionary of Symbols and Sacred Objects
Barbara G. Walker
 
 
 
 
 


A Paris, lorsque Dieu plante une jolie femme, le Diable, en réplique, y plante immédiatement un sot pour l'entretenir.

 
Parijs moet je eigenlijk niet zonder vriendin bezoeken. Je zou je eens eenzaam kunnen gaan voelen tussen al die liefkozende paartjes. Je ziet opvallend veel mannen met vrouwen die een stuk jonger zijn. Hij heeft de poen, zij de charme.

Als God een leuke vrouw in Parijs neerzet, komt de duivel onmiddellijk met een dwaas op de proppen om haar te onderhouden.

Citaat uit de 19e eeuw. Ik vraag me af of het inmiddels niet overal zo is. Een aardig vrouwtje vindt altijd wel een gek om haar te onderhouden.
Veel stelletjes dus, zei ik. Misschien zijn ze op huwelijksreis, misschien valt er wat goed te maken of misschien zijn ze gewoon voor het eerst samen op stap. Hoe het ook zij - ze beleven romantische momenten. De Parijse sfeer werkt aanstekelijk. De vrouwen doen een extra knoopje los en lopen in creaties die ze, eenmaal thuis, vermoedelijk nooit weer durven dragen. Eten, drinken en flaneren - dat zijn de favoriete bezigheden. Neem zo'n varend restaurant in de Seine dat bij het vallen van de avond van wal steekt of neem deze jongeman die op de Seine-kade voor zichzelf en zijn vriendin keurig een tafeltje dekt - twee couverts, compleet met kaarsen. Vrouwen weten dit allemaal zeer te waarderen en innige omhelzingen zijn aan de orde van de dag.
Paris in the spring.