Orange
 
Zondagmorgen acht uur. In de bar zit nu een rustiger gezelschap dan gisteravond. Dorpelingen voor hun eerste petit café en een gesprek. Dezelfde jongeman in dezelfde joggingbroek serveert het ontbijt. Hij vergeet de suiker, maar weet wel hoe het hoort. Misschien hebben zijn ouders de zaak tijdens de vakantie aan hem en z'n vriendjes overgelaten.
De IGN-kaart vermeldt een pad langs het Rhône-kanaal. Niet het jaagpad, maar een pad verder landinwaarts. Het begint als een asfaltweggetje en gaat daarna over in een grindpad. Niets aan de hand. Hier en daar een boerderij, boomgaarden, een rode eend met nieuwsgierige passagiers, een oude Arabier tussen de meloenen en dan een bos met op de eerste boom het bordje Propriété Privée. Wat te doen?
Andere wegen zijn er niet. Het alternatief is helemaal terug naar Mondragon. Met gemengde gevoelens loop ik door en kom uit bij een grote villa. Hij staat op de kaart: Mandefore. Het pad gaat niet verder. Ik loop om het huis heen. Bij de achterdeur liggen twee waakhonden. Eerst geloven ze hun ogen niet, maar als duidelijk wordt dat ze niet dromen stuiven ze in volle vaart op me af en blaffen alles bij elkaar. Penibele situatie. Ergens vanuit een tuin worden de honden door een vrouwenstem teruggeroepen. Ik loop erheen. Twee jongedames met een kinderwagen. Mooie dames zijn het, zoals je op een landgoed mag verwachten. Rustig en gedistingeerd.
- Bonjour, zeg ik. Excusez-moi, mais je suis un peu perdu.
Ik laat ze de kaart zien met het weggetje dat mij voor ogen stond en vraag of zij weten waar het gebleven is. De oudste zegt:
- Aah oui. Autrefois il y avait un chemin. Ça existe encore, mais c'est très mal entretenu.
- On peut continuer par là?
- Oui, si vous voulez.

En ze wijst me de plek waar het pad vroeger begon. Het loopt langs een sloot en als ik deze maar steeds volg, dan kom ik vanzelf uit op de grote weg. Ik bedank de dames, wens ze nog een prettige dag, betreur het dat ze me geen koffie aanbieden en begin aan een uiterst dubieus parcours met doornen, brandnetels en andere narigheid.
Eigenlijk is het geen pad meer. Ik oriënteer me op de sloot. Na twintig minuten een veld met zonnebloemen. Aan de slootkant ligt ondoordringbaar struikgewas. Ik probeer dwars door de rijen zonnebloemen de overkant van het veld te bereiken. Wel eens door een veld met volgroeide zonnebloemen gelopen? Bonk, bonk, bonk... tegen al die naar de zon gekeerde koppen op hun lange stelen. Ze geven niet veel mee. Ik trek een T-shirt aan om m'n armen te beschermen en zet koers naar de sloot. Onbegonnen werk. Ik kom muurvast te zitten. Randonneur Hollandais strandt in veld met zonnebloemen. 't Is hard, maar ik moet terug.
Eerst terug door de tournesols, dan terug over het pad malentretenu, langs Villa Mandefore en tenslotte de hele weg terug naar Mondragon. De Arabier is nog steeds bezig tussen de meloenen. Hij grijnst en steekt de hand op. Om half elf ben ik terug in Mondragon. Interessante excursie. Twee uur geploeterd, niks opgeschoten. Moe en onder de schrammen en bulten. Tai Ji.
  Mornas. Steile rotswand met kasteelruine. De muren staan in het verlengde van de rots. Het dorp ligt tussen rotswand en N7. Veel ruimte is er niet. Het kasteel ligt 137 meter hoog en dateert uit de 12e eeuw. In de tijd van de godsdiensttwisten kon je hier getuige zijn van zogenaamde sautenades - springpartijen zeg maar. Onvrijwillig. Toen de calvinisten het kasteel in 1562 innamen gooiden ze het hele katholieke garnizoen over de muren naar beneden. Daar stonden protestantse soldaten ze met hun hellebaarden omhoog op te wachten. Vrouwen en kinderen werden clement behandeld - zij werden gewoon dood gestoken.
Zou je in Mornas ooit prettig kunnen wonen als je weet wat hier gebeurd is? Zelf zou ik elke dag weer die stakkers naar beneden zien komen. Ik drink koffie met een glas water, wip even bij de bakker naar binnen en verlaat de plaats des onheils.
De zon schijnt ongenadig en de mistral is goed op dreef. Ik kies een route door het bos. Een rustig weggetje omhoog de heuvels in. Vakantiewoninkjes aan weerszijden en helemaal boven op de berg, midden in het dennenbos, een Logis de France. Volstrekte rust, schaduw en de geur van dennenaalden. Een specht vuurt een salvo af. Kinderstemmen verweg in het bos.
Dan weer omlaag. Door het gehucht Valbonnette. Nog meer vakantiewoningen op mooie plekjes. De meeste staan leeg. Tweede huizen. Bij een van die huisjes eet ik m'n lunch op onder een boom. Op mij klokje is het één uur.

Piolenc is een aardig dorp. Als Orange niet in de buurt lag, zou ik er blijven. Ik loop een leeg café binnen, koop een cola en ga voor het café op een stoel zitten. De N7 loopt voor de deur langs. Het is niet druk. Met dit weer ga je niet voor je lol in een auto zitten. Achter me ligt een poes languit in een bloembak te slapen. Het is smoorheet.
In Piolenc hebben ze een stalletje waar een plaatselijke schone je alles kan vertellen over les produits régionaux. Ik loop naar binnen en vraag of ze iets over logies weet. Ze kent natuurlijk alleen de adresjes in Piolenc. Hotels staan er en ze hebben ook een chambre d'hôte. Ze schrijft het adres voor me op.
 
 
 
 
 
 
 
 
 
Aigues
Water in de Langue d'Oc. Uit het Latijnse Aqua.
Het landschap ten zuiden van Piolenc begint op de Provence te lijken. Tussen de percelen staan lange rijen naaldbomen met een karakteristieke groenblauwe kleur. De huisjes hebben ze met dichte hagen ingepakt. Een kunstenaar zit bij een van die huisjes aan de kant van de weg te schilderen. In Coirol staat bij een boerderij al het meubilair op het erf. Er lopen twee honden om het zaakje te verdedigen. Het waait bijzonder hard. De rugzak, die ik even aan de kant heb gezet, wordt door de mistral omver geblazen.
De Aigues heet het riviertje dat ten noorden van Orange stroomt. Met zorg heb ik op de kaart een plek opgezocht waar ik hem via een brug kan oversteken. Totaal overbodig. De Aigues levert geen bijdrage aan de waterstand in de Rhône. De rivierbedding ligt droog.

In de buitenwijken van Orange zie ik tot mijn verbazing bordjes Propriété Privée staan. Hele wijken van Orange zijn propriété privée! Diep treurig. Het goede nieuws is dat er nog geen Défense d'Entrer bij staat. Orange is rechts, heel rechts zelfs. In deze stad is het Front National aan de macht.
Ik volg de bordjes Centre Ville en belandt op Place de la République. Centraler kan het niet. Place de le République is nog geen privé bezit. Het is een aangenaam pleintje: bomen, terrasjes en veel toeristen. Een Engelsman leest de Herald Tribune, jongelui filmen elkaar met een video-camera, Nederlandse jongedame streelt met grote toewijding nek van haar oudere vriend die ondertussen de afgelegde afstand berekent op een Michelin kaart van 1:200.000, een infostandje tegen de Franse kernproeven, bedelaars die schooien om een petit coin en een ober die in z'n eentje het hele terras moet bedienen. Ik drink een demi en ga op zoek naar een hotel.
  Om een lange zoektocht te vermijden, loop ik rechtstreeks naar de Gare SNCF. Goed gegokt. Drie hotels. Ik neem de goedkoopste: Hôtel de la Gare. Kamer voor 150 franc. Terras onder een grote plataanboom.
De hôtelière is een sympathieke vrouw van een jaar of vijftig. Mooie kamer aan de voorkant. De plataan groeit bijna de kamer in. Het is een van de eerste kamers in Frankrijk waar niets aan mankeert. Uit douche en kraan komt warm water als je aan de rode knop en koud als je aan de blauwe draait. Dit is heel bijzonder. De kans dat alle vier kranen het verwachte resultaat geven is 1-op-8. Gewoon volgens de kansberekening. De kraanaansluiting in Franse hotels berust namelijk geheel op toeval. Alle lichtknopjes doen het. In de kast hangen klerenhangers, extra dekens en een kussen dat je in plaats van de sluimerrol op je bed kunt leggen. Handdoeken, washandje, zeep... het is er allemaal. Verder ligt er geen rotzooi op het tapijt en ik zie ook geen spinnewebben. 't Is net of ze kamer regelmatig schoon maken.
Hôtel de la Gare heeft zelfs een piscine! Het zwembad ligt in de open lucht - bovenop het dak op een beschut plekje. Je kunt er een paar slagen maken en je daarna te drogen leggen op de zonnebank. Er liggen drie jongedames te zonnebaden. De piscine oogt veelbelovend. Helaas zit ik onder de schrammen, zodat het chloorwater me vandaag niet bijster lokt.