Nemours
 
De waard van de Gouden Karper doet zijn best om iets van het ontbijt te maken. De eetzaal is gezellig aangekleed en het geroosterd brood ruikt lekker.
- Vous allez où, aujourd'hui?
- À Nemours.
- Bonne route!
- Merci.

Eerst naar het centrum voor de verplichte proviand: twee croissants en een flesje Vittel. Ik loop het bos in en kom er drie uur later bij Marlotte weer uit. Herkenningspunten onderweg waren de carrefours en een Romeins aquaduct.
Geen koffie in Marlotte. Wel een bankje bij het Hôtel de Ville. Daar eet ik m'n croissants op.

Dan volgt een mooi weggetje over de heuvels naar het dal van de Loing. Ik heb op de kaart een zwart lijntje gezien dat over de Loing gaat en bij Canal du Loing uitkomt. Op de aangegeven plek begint inderdaad een pad. Er ligt ook een verwaarloosd spoorbaantje. Het weggetje loopt dood bij de rivier. De spoorbaan gaat verder. Die gaat via een gammele spoorbrug naar de overkant. En dan begin ik te begrijpen dat het zwarte lijntje op de kaart geen zandpad is, maar dit spoorlijntje. Ik beklim het talud van de spoorbrug maar zie van de oversteek af. De brug ziet er sterk verwaarloosd uit. Ik heb een afspraak in Nemours en kan dus beter niet in de Loing vallen. Dat houdt zo op.
Terug langs de spoorbaan en dan het weggetje langs de Loing dat om de een of andere reden 'Aqueduc de Loing' heet en zo bereik ik Grez-sur-Loing. Een dorp met duizend inwoners, camping en hotel-restaurant. De salle à manger zit vol en de hele familie werkt mee om het déjeuner te serveren. Opa doet zolang de bar. Eerst koffie. Daarna een sandwich met een glas melk.
- Petit ou grand? vraagt de oude baas.
- Petit.
Ik drink er nog een grand achteraan. In de eetkamer spelen twee poesjes tussen de benen van de gasten.
In de verte hoor ik de fluit van een stoomtrein. Dus toch? En inderdaad, bij Montcourt ligt het stationnetje. Een toeristisch lijntje. Een bus schoolkinderen zwermt uit over de wagentjes. Dat treintje had ik kunnen tegenkomen als ik de spoorbrug was overgestoken.

Montcourt ligt aan het Canal du Loing en naast het kanaal ligt een jaagpad. Het pad staat niet op de kaart, maar verkeert in uitstekende conditie. Canal du Loing is het eerste stuk van de verbinding tussen Seine en Loire. Bij Montargis gaat hij over in Canal de Briare.
Grez-sur-Loing
Op een zomeravond in juli 1876 kwam Robert Louis Stevenson aan in Grez-sur-Loing. Het dorp was geliefd bij jonge schilders die hier 's zomers werkten. Stevenson ontmoette er Fanny Osbourne - een Amerikaanse. Ze praatten, wandelden, zwommen, voeren kano op de Loing en trouwden met elkaar.

 
Paul Theroux. The Kingdom by the Sea, Penguin Books, 1984.
Fromonville - een terrasje aan de waterkant. Er zit een Frans gezelschap te eten. De serveerster stelt de bekende vraag:
- Vous êtes tout seul?
- Oui.

Fransen kunnen zich moeilijk voorstellen dat je alleen op stap kunt zijn. Als de vragenstelsters wat jonger zijn, beantwoord ik de vraag ook wel met 'Oui. Et vous?' waarna ze meestal van kleur verschieten. Paul Theroux kreeg op zijn wandeltocht langs de Engelse kust met dezelfde vraag te maken. 'You're all alone?' vroegen ze en dan antwoordde hij 'So far...' daarmee ruimte latend voor een verdere kennismaking.
Zelfs de hond van het restaurant vindt het maar niks - zo'n man alleen. Hij komt onder mijn tafel liggen. Even verderop passeert de Autoroute du Soleil het kanaal. Het geraas van auto's dringt vaag door op het terras.

Om drie uur loop ik Nemours binnen. Mooi op tijd. Vanaf vijf uur zou ik elk uur bij het station komen kijken. Dezelfde afspraak als met Bert in Sittard. Ik zoek de camping municipal op, leg de situatie uit, neem een douche en keer met achterlating van de rugzak weer naar het stadje terug. Om vijf uur nog geen Erik. Wel patsers met een Mercedesbusje. Uit het raampje vallen lege blikjes, wikkeltjes en peuken. Te oordelen naar de rotzooi op straat staan ze al geruime tijd voor het station. Ik koop een krantje, neem hem mee naar het kanaal en lees hem liggend in het gras.

Om zes uur staat Erik naast zijn Lancia te wachten. Boven Parijs heeft hij de autoroute verlaten en is over Routes Nationales verder naar Nemours gereden. En ik had met opzet een stadje aan de autoroute uitgezocht!

We zetten de tent op aan de Loing bij een watervalletje. Erik heeft de post van de afgelopen twee maanden meegenomen. Naast minder interessante giro-afschrijvingen vind ik een brief van het Van Hall Instituut. Een lid van het College van Bestuur schrijft een paar aardige zinnen. Ergens vanuit Overijssel heb ik hem een ansicht gestuurd. Ook zit er een pakje bij de post dat ik mezelf vorige week vanuit Parijs heb toegestuurd, inclusief filmrolletje. Eén van de namen in mijn nieuwe adresboekje kan ik al weer doorstrepen. Een dammer die ik ken uit mijn periode bij het Drents Tiental is aan longkanker overleden. Tot zover de post.
Verder heeft Erik m'n oude sandalen meegenomen en die komen als geroepen want het paar van Indonesische makelij begint uit elkaar te vallen.