Reinout, Adelaert, Ridtsaert en Wridsaert
De namen bestaan nog steeds. Reinout is ongewijzigd gebleven, Adelaert werd Allard, Ridsaert werd Richard en Wridtsaert weet ik niet. De Franse varianten zijn: Renaud, Allard, Richard en Guiscard.
'Regnault' van Château-Regnault komt van Renaud - Reinout.
Charleville-Mézières
 
Het ontbijt in Hôtel Franco-Belge is een toneelstukje voor personeel en figuranten. De gasten zijn de figuranten. Zij hebben geen tekst. Het personeel wel. In de keuken lopen de discussies hoog op en ze worden in de eetzaal voortgezet. Ze moeten hard schreeuwen om gelijk te krijgen want door het open raam komt de herrie van een dragline naar binnen die naast het hotel de boel overhoop haalt.
En het ontbijt zelf? Dat stelt weer niks voor: croissant, stukje stokbrood, boter en jam, een potje thee, geen bord. C'est tout. Vragen ze dertig franc voor.
De gastvrouw is een vervelend mens in legging. Ze heeft een nerveus gezicht, kijkt twee kanten uit en dribbelt onrustig rond. Als ze stilstaat klemt ze haar benen tegen elkaar, als een kind dat probeert een plas op te houden. Maar uitgekookt is ze wel. Ik geef haar twee briefjes van tweehonderd en ze probeert me van driehonderd terug te geven.

Na de brug over de Semois kijk ik of er aan deze kant van de Maas een jaagpad ligt. Nee. Ik zit weer eens op de verkeerde oever. Bij gebrek aan beter volg ik de D1. Hij leidt naar Château-Regnault, een aardig dorpje rond een heuvel. Ergens heeft de bakker een baguette achter de spijlen van een raam geduwd. Hij kreeg hem waarschijnlijk niet door de brievenbus.
In Château-Regnault kun je de Maas oversteken. Aan de overkant ligt Bogny en van daaruit loopt een rustig weggetje langs de rivier. 'Rustig' wat verkeer betreft, want bij Bogny staan een paar fabrieken en die maken een hoop kabaal. Het geluid wordt ook nog eens weerkaatst door de heuvels aan de overkant: Rocher de 4 Fils Aymon - Rots van de vier Heemskinderen. Het is een heuvelrug met vier toppen waarin de Middeleeuwse bevolking de vier broers meende te herkennen: Reinout, Adelaert, Ridtsaert en Wridsaert.
  In Braux zie ik de roodwitte markering van de E3 - de Europese wandelroute van Duitsland naar Portugal. In Noord-Frankrijk adopteert hij het tracé van de GR12. De wandelaars die hem lopen hebben een paar kilometer tevoren de Semois vaarwel gezegd, ronden nu een Maaslus en zoeken daarna de Aisne op die ze tot aan de bossen bij Compiègne volgen. Over een Europese wandelroute lopen - zo'n kans krijg je niet elke dag en daarom ga ik niet binnendoor over de heuvel, maar neem de omweg langs de Maas.
GR-markering
...their presence or absence reflects either the proximity of the nearest road, the enthousiasm or otherwise of the local waymarkers, or a sudden shortage of red and white paint.
- Walking through France
Robin Neillands

Robin Neillands liep over Grande Randonnées van Het Kanaal naar de Middellandse Zee.
Eenmaal buiten Braux eerst Tai Ji. In drie kwartier komt niemand langs. Het lijkt een rustige route. Er verschijnen onweerswolken en in de verte rommelt het. Het pad wordt smaller en onderin de lus verdwijnt het nagenoeg. Op dit punt maak ik een foto van de E3. Het filmrolletje blijft steken. Binnen in het toestel zit iets niet goed.
Markeringen zie ik verder niet. Ergens moet het pad rechtsaf de heuvel zijn opgegaan, maar ik zou niet weten waar. De onregelmatige markering van de Grandes Randonnées is berucht. In dat opzicht verschilt ze niet van andere bewegwijzering in Frankrijk: die is afwezig of inconsequent.

Onderweg zie ik enkele pénichettes - pleziervaartuigen die je in de buurt kunt huren. Het zijn drijvende botsautootjes. Papieren heb je niet nodig. Na een half uurtje instructie sturen ze je ermee de Maas op. Dan schijn je te kunnen varen. Je mag zelfs proberen Dinant te halen - zo las ik in de krant.
Typisch Frans, ben je geneigd te zeggen. Dat is toch onverantwoord! Maar vergeet niet dat je ook in Nederland een vaarbewijs kunt halen zonder ooit een meter te hebben gevaren! Het Nederlandse vaarbewijs is een theoretisch examen waarin je iets leert over voorrang op het water, over de kerstboomverlichting van een sleepboot en nog een paar wetenswaardigheden. Daarna mag je in Nederland varen - ook op de grote rivieren. Zo heel veel verschil is er dus niet.

Mijn Franse IGN-kaart geeft bij alle plaatsen een getal voor het aantal inwoners. Je moet het zelf nog even met duizend vermenigvuldigen. Heel handig, want het geeft een indicatie welke voorzieningen je in zo'n plaats kunt verwachten. Joigny-sur-Meuse heeft zevenhonderd inwoners en dat geeft haar recht op een café. Dat café is er en het is open. Ze combineren het met een winkeltje in tijdschriften en speelgoed. In de gelagkamer staan grote eikenhouten picknicktafels. Ik koop een krant - L'Ardennais - en bestel een grande café met een sandwich jambon. Buiten begint het zachtjes te regenen.
  De regionale krant in Frankrijk heeft een gezellige formule. Het is een soort regionale buurtkrant. Verslagen van huwelijken, onderscheidingen, ongelukjes, poes in boom en ander nieuws - alles wat tot de Franse verbeelding spreekt staat erin en ze hebben het gerubriceerd rond de steden in de regio. Ver achterin tref je nog wel eens pagina's met titels als Faits Divers en L'Economique. Heel soms is er ook nog een rubriek L'Etranger (Buitenland) maar alleen als er in het buitenland iets gebeurd is.
Ik begin met de weersverwachting - La Météo. Deze kijkt niet verder dan één dag vooruit. Maar voor die dag, morgen dus, lijkt het ongunstig. Regen. Daarna het overige nieuws en wie schetst mijn verbazing als ik op een foto in de krant een bekende tegenkom! Bij Fumay staat een artikel over de heropening van de vaarroute. Ter illustratie staat er een foto van de jachthaven bij. En wie laat daar op de promenade net z'n hond uit? De schipper van de Marijke. Jawel. Het is een kleine wereld. Schipper, hond en boot - alle drie in beeld. Dat zal hij leuk vinden. De krant gaat mee en ik neem me voor om vanavond even in de jachthaven van Charleville-Mézières te kijken.
  Naar Nouzonville volg ik de asfaltweg omdat ik het jaagpad aan de overkant niet langer vertrouw. Wat moet er van over blijven als er ook geen GR meer langs loopt? Ik heb het volledig mis. Vanaf deze weg, die langzaam klimt naar Solferino, zie ik op de linker Maasoever een mooi weggetje liggen. Jammer dat ik niet helderziend ben.
In Nouzonville hetzelfde dilemma. Ik ga midden op de brug staan en probeer te kiezen. Wat doen we: links of rechts? Er komt een oude man aanlopen met een kind aan de hand. Ik vraag hem of er aan de linkeroever een chemin de halage loopt.
- Mais oui. Bien sûr! Mais c'est l'herbe comme ça, hein. Oh-la-la... en hij houdt de hand boven zijn hoofd om aan te geven tot waar het gras staat.
- Vous comprenez?
- Oui oui. Je comprends.
- C'est très mal entretenu. Alors - faites attention hein!

Nu ben ik niet bang voor gras en bovendien kunnen die Fransen vreselijk overdrijven. Maar de man krijgt na een paar kilometer wel gelijk en zo ben ik vermoedelijk een van de weinigen die Charleville via de jungle heeft weten te bereiken.
In een voorstadje van Charleville loopt een dame een eindje mee om me de weg te wijzen en even later zien ze bij het Office du Tourisme een verfomfaaide promeneur binnenkomen die zegt op zoek te zijn naar het goedkoopste hotel van de stad.
- Il faut économiser, voeg ik er voor alle duidelijkheid aan toe.
Nu, daar hebben ze alle begrip voor. Bar-Hôtel Du Palais komt als goedkoopste uit de bus. Maar, zo zeggen ze als een laatste waarschuwing, het valt in de categorie non touristique. Precies wat ik zoek dus en bovendien op een steenworp afstand van de Place Ducale, hartje centrum. Ik krijg een kamer van 110 franc met uitzicht op een druk kruispunt - hoek Place de Nevers, Rue du Theâtre. Zo kan ik die Fransen eens goed bestuderen.
 
 
Schuin tegenover het hotel is een fotozaak. Het filmrolletje moet er uit. De fotograaf werkt op de tast in een zwarte zak - hij maakt er een aardige goochelvoorstelling van. Hij zegt dat de eerste foto's nog wel te ontwikkelen zijn en voorziet het apparaat van een nieuwe pellicule.

De wereld is nog kleiner dan ik dacht. 's-Middags kom ik de schipper van de Marijke en zijn vrouw tegen in een supermarkt. Hij weet niet dat hij in de krant staat. Wel heeft hij in Fumay gemerkt dat er een foto werd genomen.
Ze kochten de krant, maakten een serie fotokopieën en stuurden die naar familie en kennissen in Nederland - zo hoorde ik later.