Avignon - 6e dag
 
- Ça va mieux?
- Oui. Mais je reste encore une nuit.

Het begint op een ritueel te lijken. Vandaag is Monsieur Merlin met een kast bezig. Hij legt de schroevedraaier aan de kant om het ontbijt klaar te zetten. Aan het tafeltje naast me zit een Nederlands stelletje. We praten wat. Ze maken een treinreis. De jongen lijkt op Boris Becker. Ze hebben de hele nacht luidruchtig in de naburige kamer liggen vrijen, maar daar hebben we het niet over gehad.
Dizzy en nog lang niet fit. Morgen hoop ik eindelijk dit oord te verlaten.

Hoe langer je op een plek blijft, hoe minder valt er over te vertellen. Je ontwikkelt een routine en de dagen beginnen op elkaar te lijken. Blijf er een maand en je hoeft slechts 'Idem' in je logboek te noteren. Ik doe Tai Ji op Île de la Barthelasse, drink een petit café met een glas water op m'n vaste plekje Place de l'Horloge, lees wat in het Parc des Papes, bestel een Salade Niçoise bij het paviljoen, eet hem grotendeels op, lees de Maigret uit, dwaal rond in Avignon en zeg Non tegen alle bedelaars.
 
 
 
 
 
 

- Thuis in de verenigde Staten heb ik een prachtig huis. En mijn huis is jullie huis!
 
 



- Mijnheer. Hoe laat is het?
- Vijf uur.
- Bedankt. Ik heb een belangrijke afspraak om zes uur en ik wil niet te laat komen.
Parkje naast het hotel. Een Amerikaan ligt languit in het gras ongegeneerd op te scheppen over zijn wereldreizen. Twee Françaises hangen aan zijn lippen. Later op de dag zit hij tussen de zwervers op de stoep van het Palais des Papes. Ze hebben het over gastvrijheid.
- Back home in the States I've got a lovely house, zegt hij. And my house is your house!
In zijn huis is iedereen welkom. Mooi aanbod, met zo'n plas water ertussen. Eén van de zwervers, een Engelsman, neemt een slok wijn uit de gemeenschappelijke fles en klampt een voorbijganger aan:
- Sir. What time is it?
- Five o'clock.
- Thanks. I've got an important meeting at six o'clock. Don't want to be late.

In gedachten zie ik hem thuis snel verschonen en omkleden.
  Vandaag neem ik een simpele spaghetti bolognese. Place de l'Horloge. Ik vraag om een mes. De ober zegt dat je spaghetti eet met lepel en vork. O ja? Nou, ik wil een mes. Ik hou er niet van als het ene eind van de spaghetti nog uit je mond hangt, terwijl het andere eind al bezig is te verteren. De ober haalt zijn schouders op en brengt een mes.
De Place. Twee Duitse meisjes kopen een schilderij. Zeegezicht. Aanstellerige types en vast van plan zich te laten bedotten. Na eindeloos gemarchandeer krijgen ze het schilderij mee. Wat nog meer? Een vrouw met zwarte hoed en draaiorgeltje voor de buik, veel gitaristen, een slordig gekleed jongetje dat op alle tafeltjes een sleutelhanger plus briefje neerlegt waarop staat hoe hij met zijn moeder uit Bosnië is gevlucht en nu geen geld heeft om eten te kopen. Wij kunnen tien franc voor die sleutelhanger geven. Als hij klaar is met uitdelen, haalt hij briefjes, sleutelhangers en francs weer op. Met een oogst van één-op-vijf lijkt dit een van de betere methodes om aan geld te komen.

's Avonds pak ik alles in voor vertrek, al kan ik moeilijk geloven dat ik morgen in staat zal zijn Avignon uit te lopen.